30 januari 2015

Standpunt PvdA Fractie in raadsvergadering 29 januari 2014

Op 29 januari heeft de gemeenteraad opnieuw de bouw van een trafostation behandeld. Dit was noodzakelijk geworden nadat de rechtbank de eerder afgegeven vergunning had vernietigd wegens een vormfout. Hier leest u mijn bijdrage aan het debat in de raad en mijn nabeschouwing. Het fractiestandpunt dat ik naar voren bracht is na veel onderlinge discussie tot stand gekomen. Ook in de fractie was er sprake van intensief hoor en wederhoor.

 

Voorzitter,

Tot en met vandaag heeft de PvdA-fractie intensief met elkaar van gedachten gewisseld over het voorstel om een verklaring van geen bedenkingen af te geven. Met inhoudelijke argumenten hebben we elkaar overtuigd van het volgende standpunt.

In de raadsvergadering van 28 november 2013 werd ons een zienswijze gevraagd over de aanvraag omgevingsvergunning voor een transformatorstation tussen Moerbeek en Blockhuisenlaan, B3-2. De PvdA-fractie heeft toen mondeling uitgebreid uitgelegd hoe de vraag om die zienswijze tot stand is gekomen. Dat ga ik niet herhalen.

Op grond van alle ingebrachte zienswijzen door de fracties van de toenmalige gemeenteraad Hollands Kroon heeft het college destijds geconcludeerd dat de locatie tussen Moerbeek en Blockhuisenlaan geen haalbaar alternatief bleek. Daarom heeft het college op 25 maart 2014 een omgevingsvergunning verleend voor de zogenaamde locatie 4 nabij ’t Veld. Op 26 november is deze vergunning door de rechter mondeling vernietigd wegens een vormfout. Op basis van de rechterlijke uitspraak vraagt het college nu om een verklaring van geen bedenkingen voor locatie 4.

In het voortraject is na de verkenning door de heer Roel in ’t Veld duidelijk gesteld dat mocht de zoektocht naar een alternatief voor locatie 4 niet succesvol zijn, locatie 4 alsnog in beeld zou komen voor de oprichting van het trafostation. Op 28 november heeft de raad door middel van zienswijzen uitgesproken dat locatie B3-2 vanuit ruimtelijke ordening niet geschikt was. Ter herinnering, 14 leden van de raad trokken toen al de conclusie dat daarmee locatie 4 weer in beeld kwam. 11 leden noemden nadrukkelijk Zijtwende of nog een andere locatie waarvoor geen vergunningaanvraag was ingediend.

Voorzitter, het coalitie akkoord van SHK, LADA, VVD en CDA vermeldt helaas niets over het trafostation. Wel is er overeengekomen dat eerder genomen besluiten worden gerespecteerd. De besluitvorming en zienswijze procedure rond het trafostation is er zo één, materieel gesproken. Na 28 november 2013 is er materieel in meerderheid gekozen voor locatie 4. De rechterlijke uitspraak doet daar niet veel aan af, die stelt dat het besluit in een formeel jasje moet worden gegoten door het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen. Het is wellicht daarom dat het college op 16 december unaniem, dus zonder aantekeningen van de wethouders van LADA of van SHK, besluit aan de raad te vragen de vormfout in de vergunningverlening te herstellen.

Uit de bijdrage in dit debat van LADA en SHK begrijp ik dat die coalitiepartijen tegen het afgeven van de verklaring van geen bedenkingen zijn. Hoe valt dit nu te rijmen met uw coalitie akkoord? Hoe betrouwbaar bent u eigenlijk als bestuurderspartij, hoeveel rechtszekerheid heeft u de maatschappij eigenlijk te bieden als u zich niet eens aan uw eigen coalitieakkoord kunt houden? En kom nu niet aan met de opmerking dat in het coalitie akkoord staat ‘met dien verstande dat voortschrijdend inzicht of veranderde omstandigheden kunnen leiden tot eventuele wijzigingen’. Dan graag omstandig uitleggen wat die andere omstandigheden dan zijn, toch niet een vormfoutje? De voorzitter zei het al aan het begin van dit debat: er zijn geen nieuwe feiten en omstandigheden. En zit het wel goed met het vertrouwen in uw eigen wethouders die unaniem hebben ingestemd met het college besluit?

Voorzitter,

De PvdA loopt niet weg voor haar verantwoordelijkheid. Ook moeilijke besluiten in het kader van het algemeen belang moeten genomen en verdedigd worden. De PvdA doet dat landelijk door deelname in een regeringscoalitie met de VVD en daarmee het in gang zetten van ingrijpende aanpassingen en verbeteringen van de verzorgingstaat, aanpassingen die noodzakelijk zijn om ook op langere termijn de verzorgingstaat in stand te houden. Lokaal lopen we ook niet weg voor besluiten die voor een deel van onze inwoners uiterst onwelkom zijn maar die voor de toekomstige stroomvoorziening wel noodzakelijk zijn.

Wij houden ons in de oppositie aan het coalitie akkoord en respecteren eerdere afgeronde besluitvorming. Er zijn geen nieuwe argumenten om de ruimtelijke ordeningsaspecten opnieuw te bediscussiëren. Alles dat ruimtelijk van belang is, is uitgebreid onderzocht en onderbouwd. Wij hebben gigabytes aan onderzoeksrapporten en onderbouwingen ontvangen, inclusief de vóórs en tegens van alternatieve locaties. De PvdA fractie stemt daarom in met het raadsvoorstel.

Nadat alle parijen hun bijdrage hebben geleverd heeft het college geantwoord. De strekking was dat er in feite geen goed alternatief beschikbaar is.In tweede termijn heb ik nog ingebracht:

Voorzitter,

Zoals ik in de eerste termijn al aangaf was de PvdA-fractie in november 2013 verdeeld. In dezelfde raadsvergadering van 28 november heb ik namens de PvdA-fractie de nodige vragen gesteld. Daar is geen antwoord meer op gekomen aangezien er door het college werd geconcludeerd dat als het niet B3-2 wordt, dan maar 4 zoals de heer In ’t Veld ook adviseerde. De vragen van destijds zijn nu min of meer achterhaald. Daarnaast wezen we erop het probleem neerleggen bij de buurgemeenten. Dat is nu wel het laatste wat ons voor ogen staat.

Op basis van de huidige informatie zijn deze vragen niet meer relevant. Bovendien is de PvdA van mening dat wij als gemeente onze verantwoordelijkheid in het kader van het algemeen belang moeten nemen en de hete aardappel niet bij de buren op het bordje deponeren. De PvdA-fractie zal, concluderend, vóór het voorstel stemmen.

Over het amendement CDA kan je je afvragen of dit wel nodig is. In de ruimtelijke onderbouwing staat duidelijk geschreven dat er over de inpassing nog overleg plaats vindt met de gemeente. De dijklichamen liggen ook al min of meer vast. Voor het open landschap zou je zelfs kunnen argumenteren om het transformatorcomplex juist zo min mogelijk in te pakken. Daarmee behoud je meer doorkijk en een gevoel van openheid. Het geeft als voordeel een goed zicht op de consequenties van onze leefwijze en ons energie gebruik. Maar om de inwoners tegemoet te komen wordt het station landschappelijk verpakt. Het is voor de PvdA een uitvoeringskwestie waar we ons eigenlijk niet mee zouden moeten bemoeien. We vragen ook niet gedetailleerde plannen om eventuele geluidoverlast te verminderen.

Voorzitter, wel zouden wij een motie willen indienen. Die luidt als volgt:

De raad van de gemeente Hollands Kroon in vergadering bijeen op 29 januari 2015

Overwegende dat:

– het college van B&W te goeder trouw en naar eer en geweten de ruimtelijke ordeningsprocedures voor de vergunningaanvraag voor de bouw van een transformatorstation op locatie 4 nabij ’t Veld op zorgvuldige en correcte wijze hebben gevoerd;

het college van B&W op 16 december 2014 unaniem een hieruit voortvloeiend besluit hebben genomen;

Spreekt zijn vertrouwen uit in het gehele college en het genomen besluit van 16 december 2014,

En gaat over tot de orde van de dag.

Na enkele schorsingen is er gestemd over het amendement van het CDA (de PvdA heeft het uiteindelijk toch gesteund; het geeft meer juridische zekerheid over de landschappelijke inpassing) en is hoofdelijk gestemd over het voorstel. Met 15 vóór en 14 tegen (LADA, SHK, GroenLinks en Progressief HK) is het voorstel aangenomen en een verklaring van geen bedenkingen afgegeven voor de bouw van het trafostation op locatie 4 nabij De Weel/’t Veld. Na vertrek van publiek is de PvdA- motie in stemming gebracht: unaniem aangenomen!

 

Nabeschouwing

Ik heb grote waardering voor de raadsleden van D66 en Christen Unie die aanvankelijk afwijzend tegenover het voorstel stonden maar zich door argumenten hebben laten overtuigen en vóór hebben gestemd. De opstelling van LADA en Senioren HK is op zijn zachtst gezegd merkwaardig. Een unaniem collegebesluit afwijzen en vervolgens per motie het vertrouwen uitspreken in hetzelfde college en het betreffende college besluit. Hoe zot kan je het maken. Bovendien ging het over het belangrijkste onderwerp uit het verkiezingsprogramma van LADA, het trafostation, waar hun wethouder in het collegebesluit geen aantekening bij gemaakt heeft. Maar ja, het is ook een wethouder van buiten…

Tot slot, deze ruimtelijke procedure loopt nu al sinds de tweede helft van 2011. In drie en een half jaar zijn we als lokaal bestuur tot nu toe niet in staat gebleken een besluit te nemen, daarbij niets ten nadele van het college zeggend. Het college heeft keurig en zorgvuldig gehandeld binnen de kaders die het van de raad meekreeg. Als lokale bestuurders zullen we ook in het algemene belang soms impopulaire besluiten dienen te nemen. Over dit onderwerp zijn we daartoe niet in staat gebleken, daarbij impliciet een groot brevet van onvermogen over onszelf uitsprekend. Al sinds 2011 heeft vooral de fractie van LADA de besluitvorming min of meer gegijzeld gehouden. Dat staat ook letterlijk in hun verkiezingsprogramma: ‘Lokaal betrokken burgers betrekken bij belangrijke beslissingen, zoals bijvoorbeeld plaatsing Trafostation’. Dat betekent dat er geen enkele geschikte locatie te vinden is, overal zijn betrokken burgers die het niet fijn zullen vinden. De laatste inspreker heeft altijd gelijk. Het is mooie populistische politiek maar slecht voor de toekomst van onze gemeente en regio.

Er wordt geregeld verweten dat de raad over het trafostation niet luistert naar de inwoners/insprekers. Er is geen kwestie in Hollands Kroon waar zoveel en zo vaak inspraak en informatie is toegepast. Alleen al tot november 2013 met 6 informatie avonden en meer dan voldoende inspreekmomenten is burgerparticipatie meer dan voldoende vorm gegeven. Maar soms maakt onze fractie ondanks de gehoorde argumenten een andere afweging en steunen wij een besluit dat niet datgene is wat insprekers wensen. Ook hier geldt hoor en wederhoor. Het zou goed zijn als inwoners ook bereid zijn te luisteren naar de argumenten van de raad en begrip opbrengen voor het democratisch proces.

Fijko van der Laan, fractievoorzitter PvdA